Preventieve voetzorg

Mensen met diabetes hebben een verhoogd risico op het ontstaan van voetproblemen. De praktijkondersteuner van uw huisartsenpraktijk heeft uw risico op voetproblemen, en de zorg die daarbij nodig is, beoordeeld door middel van een voetonderzoek. Hij of zij doet dit door het gevoel en de bloedsomloop in uw voeten te testen. En door te kijken naar de stand van uw voeten, drukplekken (eelt, roodheid), wondjes en uw schoenen. Door middel van de voetscreening stelt de praktijkondersteuner uw Sims classificatie en bijbehorende zorgprofiel vast en beoordeelt of het noodzakelijk is om u door te verwijzen naar een pedicure en/of podotherapeut. Er zijn 4 Sims klassen (0 t/m 3) en 4 niveaus zorgprofielen (1 t/m4). Hoe hoger uw inschatting op beide, hoe groter uw risico is op voetproblemen en hoe intensiever de voetzorg die u nodig heeft.

Sims

Risicoprofiel

Zorgprofiel

Verwijzing *

0

Geen vermindering van gevoel of doorbloeding

0

-

1

Vermindering van gevoel of doorbloeding zónder verhoogd risico op huiddefecten, infecties en/of drukplekken

1

Pedicure

(niet vergoed)

 

Vermindering van gevoel of doorbloeding mét verhoogd risico op huiddefecten, infecties en/of drukplekken

2

Pedicure

Podotherapeut

2

Vermindering van doorbloeding in combinatie met vermindering van gevoel zónder verschijnselen van verhoogde druk

2

Pedicure

Podotherapeut

 

Vermindering van doorbloeding, al dan niet in combinatie met vermindering van gevoel mét verschijnselen van verhoogde druk

3

Pedicure

Podotherapeut

3

Doorgemaakt zweer (ulcus) of amputatie

4

Pedicure

Podotherapeut

Doorverwijzing naar de pedicure en/of podotherapeut

  • Heeft u zorgprofiel 0, dan is er geen reden voor een verwijzing.
  • Heeft u zorgprofiel 1, dan kan uw huisartsenpraktijk u doorverwijzen naar de pedicure.
  • Heeft u zorgprofiel 2, 3 of 4, dan kan uw huisartsenpraktijk u doorverwijzen naar zowel de podotherapeut als de pedicure.

Wat doet de pedicure?

De pedicure voert de preventieve voetzorg uit, om zweren aan uw voeten te voorkomen. Daarnaast geeft de pedicure u aanvullende voorlichting over zelfzorg voor uw voeten.

Wat doet de podotherapeut?

De podotherapeut voert podotherapeutische controles uit. Tijdens het onderzoek zoekt de podotherapeut naar de oorzaak van het voetprobleem waarmee u doorgestuurd bent. Er worden behandeldoelen en een behandelplan opgesteld. Hierna kan de pedicure de benodigde behandelingen uitvoeren. Tijdens de podotherapeutische controles worden uw voeten opnieuw beoordeeld en wordt het behandelplan besproken en waar nodig bijgesteld.

Vergoeding

Afhankelijk van de ernst van uw voetproblemen, wordt de verwijzing naar een pedicure en/of podotherapeut vergoed. Voor zorgprofiel 2 en hoger wordt de voetzorg vergoed vanuit uw basisverzekering en komt deze niet ten laste van uw eigen risico. De pedicure en podotherapeut declareren de preventieve voetzorg die zij bij u uitvoeren rechtstreeks bij HONK Ketenzorg.

Wat wordt niet vergoed?

  • Heeft u een zorgprofiel 1 classificatie, dan is de vergoeding afhankelijk van uw aanvullende verzekering. Raadpleeg hiervoor uw zorgverzekeraar.
  • Cosmetische behandelingen, zoals het knippen van de nagels om puur cosmetische redenen behoren niet tot de preventieve voetzorg. Zolen, ortheses, vilttechnieken, nagelbeugels en wondbehandelingen behoren ook niet tot de preventieve voetzorg.
  • Voorrijkosten worden alleen vergoed aan mensen die niet in staat zijn zelf de pedicure of podotherapeut te bezoeken. Dit kan gelden voor mensen die gebonden zijn aan een rolstoel, in een verpleeg- of verzorgingshuis wonen of tijdelijk immobiel zijn door fractuur, revalidatie of oncologische behandeling.

U kunt uw preventieve behandeling, als u dat wenst, uitbreiden met cosmetische behandelingen en/of voorrijkosten. De pedicure en/of podotherapeut bespreekt dit, en de bijkomende kosten hiervan, voorafgaand aan de behandeling met u en brengt de extra kosten zo nodig bij u in rekening.

Wat kunt u zelf doen?

U kunt zelf veel voetproblemen voorkomen, als u uw voeten dagelijks goed verzorgt:

  • Controleer uw voeten dagelijks op wondjes, kloofjes, verkleuringen of blaren (ook tussen uw tenen).
  • Heeft u een wondje? Neem dan contact op met uw praktijkondersteuner.
  • Was uw voeten dagelijks met lauw water zonder zeep en gebruik geen voetenbaden.
  • Droog natte voeten goed af, vooral tussen de tenen (niet te hard wrijven).
  • Smeer uw voeten dagelijks na het wassen in (bijvoorbeeld met een beetje lotion of hydraterende crème) zodat de huid niet uitdroogt.
  • Draag wollen of katoenen sokken zonder dikke naden en verschoon deze dagelijks.
  • Loop nooit op blote voeten.
  • Draag goed passende, stevige schoenen, liefst van leer, met een goede profielzool. Controleer de binnenkant van uw schoenen dagelijks op oneffenheden, zoals een spijkertje of een opgerolde binnenzool.
  • Let bij de aankoop van nieuwe schoenen op de stiksels aan de binnenzijde van de schoenen. Koop schoenen aan het einde van de dag, dan zijn uw voeten al wat opgezet.
  • Wissel zo mogelijk dagelijks van schoenen.
  • Gebruik geen hete kruiken, want daardoor kunnen brandblaren ontstaan.
  • Doe regelmatig voetgymnastiek en beweeg iedere dag. Dit bevordert de bloedsomloop in uw voeten.