Uw mening

Bilirubinebepaling bij aanhoudende geelzucht: afspraken GGD (JGZ)

GGD

Naar aanleiding van vragen over verwijzingen vanuit de GGD (JGZ) voor bilirubinebepalingen bij jonge zuigelingen, is navraag gedaan naar de geldende richtlijnen en werkwijze.

Volgens de richtlijn ‘Vroegdetectie en diagnose van galgangatresie’ (2024) wordt geadviseerd om bij aanhoudend geelzien na drie weken bloedonderzoek te verrichten. Dit is van belang om ernstige onderliggende aandoeningen, zoals galgangatresie, tijdig op te sporen.

Op dit moment kunnen jeugdartsen (JGZ) dit laboratoriumonderzoek echter nog niet zelf aanvragen. Zorgverzekeraars bieden hiervoor (nog) geen mogelijkheid. Daarom verwijst JGZ Noord-Holland-Noord ouders in deze situatie naar de huisarts.

Wat betekent dit voor de praktijk?

  • De huisarts vraagt het bilirubineonderzoek aan
  • De huisarts beoordeelt de uitslag
  • De huisarts bepaalt het verdere beleid en eventuele verwijzing

De GGD geeft aan zich ervan bewust te zijn dat deze werkwijze niet altijd praktisch is en extra belasting kan geven voor huisartsen. Landelijk is GGD GHOR Nederland hierover in gesprek met zorgverzekeraars, met als doel om in de toekomst mogelijk andere afspraken te maken.

Om de belasting voor de huisartsenpraktijk zoveel mogelijk te beperken, plant de JGZ beoordelingen van zuigelingen met persisterende geelzucht zoveel mogelijk in de ochtend. Hiermee wordt voorkomen dat ouders zich pas later op de dag bij de huisarts melden met een verwijzing.

Zodra er wijzigingen komen in de landelijke of regionale afspraken, zal dit worden teruggekoppeld.

Voor aanvullende achtergrondinformatie wordt verwezen naar het artikel in het NTVG en de informatiebrief die ouders ontvangen bij verwijzing.